Overbruggingsregeling transitievergoeding versoepeld

De voorwaarden om in aanmerking te komen voor de overbruggingsregeling transitievergoeding zijn per 1 januari 2019 veranderd. Hierdoor kunnen meer werkgevers met een klein bedrijf gebruikmaken van de regeling. De overbruggingsregeling transitievergoeding is bestemd voor werkgevers met een klein bedrijf, die bij ontslag van hun werknemer(s) de transitievergoeding niet kunnen betalen. Deze werkgevers hoeven bij de berekening van de transitievergoeding geen rekening te houden met dienstjaren van vóór 1 mei 2013. Dit moet voorkomen dat de transitievergoedingen werkgevers verder in de problemen brengen. Om die reden is de overbruggingsregeling versoepeld.

Overbruggingsregeling transitievergoeding versoepeld

 

Per 1 januari 2019 gelden voor de werkgever de volgende voorwaarden om in aanmerking te komen voor de regeling:

  • Hij/zij dient een ontslagaanvraag in vanwege een slechte financiële situatie, eventueel gecombineerd met andere bedrijfseconomische redenen.
  • De werkgever is een kleine werkgever: hij/zij heeft (eventueel samen met andere ondernemingen in een groep) gemiddeld minder dan 25 werknemers in dienst. Het gaat hierbij om de periode van 1 juli tot en met 31 december in het jaar voordat de ontslagaanvraag is ingediend.
  • Het gemiddelde nettoresultaat over de drie boekjaren voor het jaar waarin de ontslagaanvraag is ingediend, is lager dan 0.
  • De waarde van het eigen vermogen is niet hoger dan 15% van het totale vermogen aan het einde van het boekjaar. Het gaat dan om het boekjaar voor het boekjaar waarin de ontslagaanvraag is ingediend.
  • De waarde van de vlottende activa was lager dan die van de schulden aan het einde van het boekjaar voor het boekjaar waarin de ontslagaanvraag is ingediend. Het gaat daarbij om schulden met een resterende looptijd van maximaal 1 jaar.
Stel ons een vraag
Wilt u meer weten? Wij antwoorden snel.